Kwestie van karakter (Galaten 5:16-26)

(Galaten 5,16-26 – luisterlied: For the One – Brian & Jenn Johnson)

Heb je wel eens van Waterloo gehoord. Een plaatsje ergens in België.Als je er vandaag de  dag rondwandelt zie je er veel wat herinnert aan oorlog. Monumenten, standbeelden en graven. Vooral heel veel jonge mannen zijn er begraven. Ruim 200 jaar geleden vindt daar de slag bij Waterloo plaats. De Engelsen, Duitsers en Nederlanders vechten er tegen de Fransen olv Napoleon. Er doen 200.000 soldaten mee. Een kwart daar van raakt gewond of sterft.

Het Engels-Duits-Nederlandse leger wint en over de overwinning zei de bevelhebber, de Engelse hertog van Wellington later: de Slag bij Waterloo werd gewonnen op de sportvelden van  Eton. Wat hij bedoelde is dat de strijd uiteindelijk niet werd beslist door de beste wapens of de slimste strategie. Wat de doorslag gaf was de koelbloedigheid, het uithoudingsvermogen en de kalmte van vooral de Britse officieren. Er zijn verhalen van gewonde officieren die met gespalkte armen en hoofden in het verband aan het hoofd van hun manschappen reden.

Deze Britse officieren waren gevormd op kostscholen als Eton waar naast kennisoverdracht veel aandacht uitging naar het vormen van karakter. Vanuit de gedachte: bepalend in het leven is niet zozeer wat je weet, of wat je kunt, maar wie je bent. In Eton werd en wordt een deel van de dag doorgebracht in de collegezaal. Maar minstens zo belangrijk zijn de uren op het sportveld en de roeibaan. Daar wordt gewerkt aan leiderschap, teamspirit, opofferingsgezindheid, volharding, moed. Dat wat de Engelsen in één woord ‘balls’ noemen. Vandaar dat de Hertog Wellington dat zo zei: de Slag bij Waterloo werd gewonnen op de sportvelden van Eton. Het is een kwestie van karakter

Ik wil daar nog een voorbeeld van geven. Er waren eens twee vrienden in gesprek over een kind dat was overleden op de operatietafel. De één vond het een drama voor de opererende arts. De ander was zelf arts en ooit een studiegenoot geweest van deze arts onder wiens handen het kind was overleden. En zei: hij heeft het eigenlijk over zichzelf afgeroepen. Hij was destijds een van de meest getalenteerde studenten maar heeft zich nooit echt helemaal gericht op zijn studie. Hij was eigenlijk altijd meer bezig met golf dan met medicijnen en haalde zijn examens altijd met minimale inspanningen. En dat is eigenlijk hoe hij sindsdien altijd heeft gewerkt. Niet tot het uiterste gaan. Waardoor allerlei kleine details en wetenswaardigheden hem altijd zijn ontgaan. Het fingerspitzengefühl mist hij. De kneepjes van het vak zijn hem ontgaan. Hij had meteen aan het gewicht kunnen en moeten voelen. Dat iemand hem op de fatale dag op een zeker moment de verkeerde vloeistof aangaf. En dat het detail dat bij deze operatie het verschil maakte tussen leven en dood. Deze arts faalde niet op dat moment aan de operatietafel. Het ging 39 jaar geleden mis toen hij zich niet volledig gaf aan zijn studie. Het is een kwestie van karakter.

Het is ook een belangrijk inzicht in de businesswereld. Het beroemde boek van Stephen CoveyThe seven habits of highly effective people’ van Stephen Covey gaat helemaal hierover. Covey zegt: wil je duurzaam succes hebben, focus dan op wie je bent als persoon. Werk aan de ontwikkeling van je karakter. Aan integriteit, aan loyaliteit, aan waarachtigheid. Duurzaam succesvol zijn, zegt ook Covey. Het is een kwestie van karakter.

Vorming, vernieuwing van ons karakter, dat is waar het in de Bijbel ook om gaat. Jakob, Mozes, David, stuk voor stuk kenden ze tijden waarin ze werden gevormd, gekneed. En woestijnperioden, in tegenslagen en beproevingen, soms vele jaren lang. Zo ontwikkelden ze het karakter dat ze nodig hadden om hun roeping te vervullen en tot hun bestemming te komen.

Jezus mocht eerst opgroeien en gevormd worden. Het kind groeide op, werd sterk en was begiftigd met wijsheid; Gods genade rustte op hem. Jezus groeide verder op en zijn wijsheid nam nog toe. Hij kwam steeds meer in de gunst bij God en de mensen. Bij Jezus zien we dat juist Gods Geest zich bezig houdt met de vorming van karakter. Als Jezus bij zijn doop in de Jordaan de Geest ontvangt is het volgende wat we lezen dat diezelfde Geest hem in de woestijn leidt voor een proces van beproeving, loutering. Een karaktertest van maar liefst 40 dagen lang.

Jezus zelf is ook heel bewust bezig met karaktervorming. Hij neemt mensen mee in een andere manier van leven. Hij richt daarvoor geen klaslokaaltje in de lokale synagoge maar vormt een leefgemeenschap. Trekt intensief op met een kleine groep mensen en door met elkaar op te trekken, samen door ervaringen heen te gaan, en met vallen en opstaan vindt een proces plaats van karaktervorming.

Jezus noemt de Geest ‘een andere helper’ en wat hij bedoelt is: Hij wil net als ik met je door alle dingen heen trekken en werkelijk alles wat je meemaaktde kleinste dingen van iedere dag, het zijn leermomenten, groeimomenten. En ik wil erbij zijn, bij al die momenten en stapje voor stapje je leren hoe je in de stijl van Jezus om kunt gaan met wat er op je pad komt.

Misschien zit je erover na te denken en klinkt het je allemaal te maakbaar. Je kunt zeggen: er is toch ook van alles wat invloed heeft op mijn karakter waar ik weinig of geen invloed op heb? Daar zit wat in. Je startpunt wordt sterk bepaald door anderen. Je krijgt al van alles mee in je DNA. In de opvoeding zetten anderen al een stempel op je. Je kiest zelf niet je beginpunt, wat je meekrijgt. En wellicht begin je in sommige opzichten aan een achterstand. Maar bij karaktervorming draait het niet zozeer om waar je start, of waar je nu bent. Maar veel maar om waar je heen gaat. Je hebt de keuze waardoor je je laat leiden en vormen.

Vorming van je karakter is iets onvermijdelijks. Het vindt je leven lang plaats en stopt nooit. Misschien denk je, ik vind het wel even best zo. Ik laat de dingen voor nu even zoals ze zijn. Vergis je niet. Veranderen doe je sowieso, onvermijdelijk. Karakterontwikkeling staat nooit stil. Karakterontwikkeling is niet iets dat zich laat uitstellen. Het is een werkstuk waar je je leven lang aan schrijft. De vraag is alleen, in welke richting verander je. Iedere dag dat je leeft en keuzes maakt wordt je hart een stukje harder of juist zachter.

En de vraag is ook: wie laat je dat proces beinvloeden. We zijn nooit op neutraal terrein waarin we rustig ons karakter in elkaar kunnen knutselen als een bouwpakket. Er zijn machten en krachten die ons beinvloeden. Onderstromen in de samenleving, de tijdgeest. Er is een niet te onderschatten tegenstander die er een meester in is om sluipend en ongemerkt karakters van mensen te ondermijnen in processen van uitholling, vervlakking. Patronen in te slijpen van ongezond denken waar je stapje voor stapje steeds meer aan went. En je uiteindelijk die gedachte zomaar omzet in handelen. Door in je binnenste draden van leugens te spannen en zo je karakter langzaam maar zeker te slopen.

Misschien ben je wel wat verander moe geworden. Wat teleurgesteld geraakt en cynisch geworden. Omdat je geen blijvende verandering hebt gezien. Je gaat met veel verwachting naar een conferentie, een festival, een worship-night of bijbelschool. En je deed er ook echt geestelijke ervaringen op. Werd diep geraakt en dacht: nu begin ik aan een heel nieuw leven. Maar na verloop van tijd val je terug in oude patronen

Denk dan niet dat het allemaal niets waard was. Koester zulke geestelijke ervaringen in je hart. En sommige mensen maken inderdaad in een moment of in een korte tijd een enorme groeispurt door. Maar karaktervorming is doorgaans een langzaam en levenslang proces. Als je je leven ziet als cirkels is je lichaam de buitenste cirkel. Is daarbinnen de cirkel van je denken, voelen, willen. En is de kern van de cirkel je geest. En wil de Geest in al deze lagen aanwezig zijn. In je denken, voelen en willen. En vooral in je diepste kern, je geest.

Werken aan jezelf, in jezelf het beste naar boven halen, op eigen kracht christelijke dingen proberen te doen, dat is echt doorvermoeiend. Je kunt er volledig op afknappen. Of tot je laatste dag ijverig en plichtsgetrouw blijven zwoegen zonder dat je veel vrucht ziet in je leven. Wat uit het vlees afkomstig is, blijft vlees. Je geloof mist dan waarachtigheid.

Als het over de Geest gaat denken we aan vuur. Misschien zie je om je heen wel mensen die on fire zijn, echt in vuur en vlam staan voor God. En je zou zelf wel wat meer van dat vuur willen. Meer passie, meer beleving, meer kracht. Maar he, vuur heb je in verschillende soorten. Je hebt vuur van hooi en stro, dat heel snel opvlamt. Maar zo heftig als het start, zo snel kan het ook weer doven. Er is ook vuur dat niet zo spectaculair oplicht. Dat rustig brandt en stabiel maar ook een stuk langer. Een vuur dat nooit meer dooft, zolang er olie is. Dat constant brandt, een leven lang. en voor anderen een orientatiepunt is.

Iemand werd eens omschreven met de zin: meer vuur als licht. Op de een of andere manier raakt dat zinnetje me altijd weer. Iets in mij kan verlangen naar meer vuur. Meer passie, meer beleving, meer inspiratie. Maar verlang ik net zo sterk naar licht? Dat in mij een licht wordt ontstoken en ik bij dat innerlijke licht van waarheid scherper zie waar de onwaarheid zit? Waar mijn beeld vertroebeld is geraakt? Maak je geen zorgen, we hebben het later dit seizoen ook over de kracht en de gaven van de Geest. Maar vanmorgen wordt jou en mij een andere vraag gesteld. Ben je bekend met het proces van soul-searching zoals we dat lezen in psalm 51: U wilt dat waarheid mij vervult. U leert mij wijsheid, diep in mijn hart.

Ken je de Geest als een geest van waarheid? Mag de Geest in jou het licht aandoen zodat je steeds helderder ziet welke draden van leugens er zijn gespannen. Waar het in je innerlijk tijd wordt om orde op zaken te stellen. Tijd om dingen op te ruimen, te helen. Zaken in het licht te brengen.

Je zou kunnen zeggen: er zijn drie soorten mensen. Ze worden beschreven in 1 Korintiërs 2 en 3. De natuurlijke mens, de geestelijke mens en de vleselijke mens. En Paulus komt ze alle drie tegen binnen (!) de gemeente. De natuurlijke mens doet het helemaal op eigen kracht. Hij doet wellicht van tijd tot tijd religieuze indrukken op en godsdienstige ervaringen. Maar hij blijft zelf aan de knoppen zitten en moet het in zijn dagelijkse leven dus echt hebben van wat hij zij zelf in huis heeft of niet. Iemand kan dan meevallen of tegenvallen. Maar het blijft in de categorie: menselijk, natuurlijk.

Er zijn ook geestelijke mensen in wie de Geest is komen wonen en waar Hij steeds meer orde op zaken mag stellen. Er komt steeds meer balans, evenwicht. Een mate van waarachtigheid, echtheid, kwetsbaarheid. Jezus volgen komt meer en meer centraal te staan en andere zaken krijgen hun juiste proporties. Gezegend ben je, je bent een tempel van de Geest. Je bent Gods handen en voeten, zijn ogen en mond.

De tricky categorie is de vleselijke mens. Waar de Geest wel aanwezig is maar zijn aanwezigheid wordt steeds bedreigd door ongezonde ritmes, schadelijke input, onverstandige keuzes en patronen. Soms heeft de Geest ineens de overhand maar dan is er weer de oude mens die opspeelt en het geestelijke verdringt. En zolang vlees en Geest met elkaar blijven strijden blijf je in je kinderschoenen staan en kan de Geest je karakter niet gaan slijpen. Je bent tot van alles in staat maar blijvende vrucht zal het niet dragen.

Het goede nieuws is dit. Er is één gebed dat altijd wordt verhoord. Dat is het gebed om de Heilige Geest. “Als jullie dus, ook al zijn jullie slecht, je kinderen al goede gaven schenken, hoeveel te meer zal de Vader in de hemel dan niet de heilige Geest geven aan wie hem er om vragen.” Jezus belooft de Heilige Geest te geven aan ieder die hem daarom vraagt.

Maar bedenk er wel dit bij. De Geest wordt ons gegeven om ons te vormen naar het beeld van Jezus. Ons te louteren, te zuiveren, te vernieuwen. Karaktervorming is een lange termijnproces. Het beeld dat we tegenkomen in Galaten 5 past daarbij. Vrucht van de Geest. Dat is geen quick-fix beeld. Het gaat over seizoenen, over wortel schieten en uitlopen, over bloesem, over snoeien en rijpen en vrucht dragen. Het heeft zijn tijd nodig, laat zich niet versnellen. Het heeft zijn eigen dynamiek, en duurt een leven lang.

Er zit zeg maar een God-factor in en een mens-factor. De God-factor is dat de groei zelf buiten mijn bereik ligt De groei zelf kan ik niet realiseren. Dat is aan Gods Geest. Geestelijke groei is in de kern een geschenk dat je ontvangt. Het is een vrucht van de Geest.

Tegelijk zit er ook een mensfactor aan. Je kunt wel de juiste voorwaarden scheppen waarin de groei kan plaatsvinden en doorzetten. Zorgen voor voldoende voeding en zonlicht. Zorgen dat er genoeg ruimte is, onkruid verwijderen. Zo je leven inrichten dat je Geest niet in de hoek duwt maar dat Geest steeds ruimer gaat wonen in je en steeds meer vrij spel krijgt om diep in je binnenste te gaan schrijven zodat je steeds meer wordt waar je voor bedoeld bent. Een leesbare brief van Christus.

leessuggesties:                                                                                                                                                                                          Andy Stanley, Karakter, 2019                                                                                                                                                                Tom Wright, Goed leven, over christelijke karaktervorming, 2012

 

 

 

 

 

 

Vorige bericht Volgende bericht

Ook interessant om te lezen

Geen reacties

Plaats een reactie